Geen indexering in bepaalde sectoren in november

Door: Marc Verboom | Op: 12/11/2015

De koopkracht van de werknemers daalt.

Sinds mei worden de lonen niet langer aangepast aan de stijgende levensduurte. Als gevolg van de indexsprong opgelegd door de regering Michel daalt de koopkracht van de werknemers.

In gemeenschappelijk vakbondsfront (ABVV, ACV en ACLVB) hebben de vakbonden hiertegen trouwens beroep aangetekend bij het Grondwettelijk Hof om de vernietiging van de indexsprong te vragen. De opgelegde indexsprong is immers een inbreuk op de vrijheid van onderhandelingen gezien de indexmechanismen deel uitmaken van de collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO's). En de regering raakt aan het gelijkheidsbeginsel vervat in de Grondwet aangezien alleen aan de lonen en sociale uitkeringen wordt geraakt en niet aan andere vormen van inkomsten.

De prijzen van goederen en diensten die we dagelijks kopen en aanschaffen gaan op en soms (uitzonderlijk) ook neer. Je loon volgt normaal die bewegingen. Dat gebeurt automatisch via de indexering.

De regering Michel besloot om dat systeem op te schorten totdat 2% aan koopkracht is ingeleverd. Dit verlies wordt de ganse carrière meegesleept.

Zonder de indexsprong waartoe de regering heeft besloten hadden de lonen in november in bepaalde sectoren (paritaire comités) moeten geïndexeerd worden. Het verlies is afhankelijk volgens het indexmechanisme in de respectievelijke sector:
  • audiovisuele sector (PC 227): 2%
  • apotheken en tarificatiediensten (PC 313): 2%
  • burgerluchtvaart (PC 315.02): 2%
  • maatschappijen hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie (PC 308): 0,40%
  • beursvennootschappen (PC 309): 0,4045%
  • banken (PC 310): 0,40%.

In bepaalde sectoren (paritaire comités) met een indexering op een vast tijdstip zal er ondanks de indexsprong toch nog een gedeeltelijke indexering zijn, met name voor de periode vanaf januari tot en met maart 2015. Op 1 januari 2016 zal er een dergelijke gedeeltelijke indexering zijn in volgende sectoren:
  • aanvullend paritair comité voor bedienden (PC 200): 0,43%
  • casinobedienden (PC 217): 0,469%
  • bedienden voedingsnijverheid (PC 220): 0,47%
  • hotelbedrijf (PC 302): 0,469%
  • verzekeringen (PC 306): 0,398%
  • beheer van gebouwen (PC 323): 0,43%
  • toeristische attracties (PC 333): 0,43%.
Deze percentages liggen lager dan indien de regering niet de beslissing tot indexsprong en de blokkering van de gezondheidsindex niet had genomen.

De indexsprong geldt tot wanneer de werknemers 2% koopkracht hebben verloren. De BBTK vindt dit een onrechtvaardige maatregel waarvan de werknemers en de sociale uitkeringsgerechtigden de eerste slachtoffers zijn. De impact ervan draag je mee tot aan je pensioen. Bovendien is deze koopkrachtdaling contraproductief en komt ze de economie niet ten goede.


« nieuws overzicht | meer uit deze rubriek