Strengere regels brugpensioen

Door: Marc Verboom | Op: 19/01/2015

Leeftijd brugpensioen opgetrokken

Eind 2014 zijn vakbonden en werkgevers er in geslaagd om wat aanpassingen voor te stellen aan de regeringsmaatregelen rond het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (het voormalige brugpensioen). Deze werden ondertussen door de regering omgezet in de nodige wetteksten (KB 30/12/2014 - BS 31/12/2014). Verre van ons om te stellen dat deze aanpassingen op wezenlijke manier de oorspronkelijke regeringsmaatregelen hebben veranderd. Voor heel wat werknemers bieden ze echter toch nog wat extra mogelijkheden. Deze aanpassingen zijn er gekomen onder druk van de acties en stakingen in november en december 2014.

1. Algemeen stelsel (CAO 17) leeftijd gaat van 58 naar 62 jaar

Brugpensioen (of werkloosheid met bedrijfstoeslag) is mogelijk vanaf 62 jaar.
De loopbaanvoorwaarde bedraagt voor mannen 40 jaar.
De loopbaanvoorwaarde bedraagt voor vrouwen in 2015 31 jaar en wordt jaarlijks met 1 jaar opgetrokken tot 40 jaar in 2020.
De loopbaanvoorwaarde geldt bij het einde van de arbeidsovereenkomst.

  2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024
mannen 62/40 62/40 62/40 62/40 62/40 62/40 62/40 62/40 62/40 62/40
vrouwen 62/31 62/32 62/33 62/34 62/35 62/36 62/37 62/38 62/39 62/40

Een uitzondering geldt voor diegenen die ontslagen zijn voor 1/1/2015 en 60 jaar bereiken op uiterlijk 31/12/2016 (waarbij de opzeggingstermijn 31/12/2016 mag overschrijden).

2. Brugpensioen via CAO sector of onderneming

De CAO in de sector of de onderneming moet afgesloten worden en neergelegd zijn voor 1/7/2015.
De CAO kan voor maximaal 3 jaar worden afgesloten (2015 - 2016 - 2017).
De brugpensioenleeftijd is vastgelegd op 60 jaar en dit tijdens de looptijd van de CAO.
De loopbaanvoorwaarde is dezelfde als in het algemeen stelsel (zie onder 1).

3. Brugpensioen zware beroepen (1)

De brugpensioenleeftijd is vastgelegd op 58 jaar.
De loopbaanvoorwaarde bedraagt 35 jaar en mits een zwaar beroep gedurende 5 jaar in de 10 voorafgaande jaren of 7 jaar in de 15 voorafgaande jaren.
Een zwaar beroep is gedefinieerd als een tewerkstelling in wisselende ploegen, onderbroken arbeid of nachtarbeid.

De brugpensioenleeftijd wordt, na advies van de NAR, op 60 jaar gebracht, tenzij voor de periode 2015 - 2016 een interprofessionele CAO kan worden afgesloten en die vervolgens door de sectoren wordt ingevuld (*).

Na 2016 kan deze CAO worden verlengd of aangepast (waarbij de minimumleeftijd geleidelijk verhoogd wordt tot 60 jaar in 2020).

4. Brugpensioen zware beroepen (2)

De brugpensioenleeftijd is vanaf 1/1/2015 vastgelegd op 58 jaar.
De loopbaanvoorwaarde bedraagt 33 jaar en mits een zwaar beroep gedurende 5 jaar in de 10 voorafgaande jaren of 7 jaar in de 15 voorafgaande jaren of 20 jaar nachtarbeid
Een zwaar beroep is gedefinieerd als een tewerkstelling in wisselende ploegen of onderbroken arbeid.

De brugpensioenleeftijd wordt, na advies van de NAR, op 60 jaar gebracht, tenzij voor de periode 2015 - 2016 een interprofessionele CAO kan worden afgesloten en die vervolgens door de sectoren wordt ingevuld (*).

Na 2016 kan deze CAO worden verlengd of aangepast (waarbij de minimumleeftijd geleidelijk verhoogd wordt tot 60 jaar in 2020).

5. Brugpensioen lange loopbaan

De brugpensioenleeftijd is vanaf 1/1/2015 vastgelegd op 58 jaar.
De loopbaanvoorwaarde bedraagt 40 jaar.

De brugpensioenleeftijd wordt, na advies van de NAR, op 60 jaar gebracht, tenzij voor de periode 2015 - 2016 een interprofessionele CAO kan worden afgesloten en die vervolgens door de sectoren wordt ingevuld (*).

Na 2016 kan deze CAO worden verlengd of aangepast (waarbij de minimumleeftijd geleidelijk verhoogd wordt tot 60 jaar in 2020).

Als overgangsmaatregel is hier voorzien dat de leeftijd van 56 jaar en loopbaan van 40 jaar blijft gelden indien:
  • ontslag voor 1/1/2016;
  • 56 jaar uiterlijk op 31/12/2015;
  • 40 jaar loopbaan uiterlijk bij het einde van de opzeg.

6. Brugpensioen in ondernemingen in herstructurering of in moeilijkheden

De afwijkende minimumleeftijd voor het brugpensioen voor bedrijven in herstructurering of in moeilijkheden is als volgt vastgelegd:

jaar minimumleeftijd
2015 55 jaar
2016 56 jaar
2017 57 jaar
2018 58 jaar
2019 59 jaar
2020 60 jaar


Ongeacht de aanvangsleeftijd van het brugpensioen moet de werknemer, op het ogenblik van de stopzetting van de arbeidsovereenkomst aan de volgende voorwaarde voldoen:
  • ofwel 10 jaar loopbaan als loontrekkende binnen de sector binnen de 15 jaar voorafgaand aan de beëindiging van de arbeidsovereenkomst;
  • ofwel 20 jaar beroepsverleden als loontrekkende.

De leeftijd blijft vanaf 2016 55 jaar indien voor de periode 2015 - 2016 een interprofessionele CAO kan worden afgesloten en die vervolgens door de sectoren wordt ingevuld (*).

Na 2016 kan deze CAO worden verlengd of aangepast (waarbij de minimumleeftijd geleidelijk verhoogd wordt tot 60 jaar in 2020).


(*) In deze gevallen is het dus wachten op de resultaten van het lopende sociaal overleg op interprofessioneel vlak (eind januari - begin februari) en, in geval van een akkoord, op de sectorale invulling van dit kaderakkoord in de verschillende sectoren om de concrete, individuele situatie te kunnen beoordelen.

  

« nieuws overzicht | meer uit deze rubriek