Zweedse coalitie zet ouderen op de schopstoel

Door: Marc Verboom | Op: 25/09/2014

België telt meer arme gepensioneerden dan de rest van Europa. Gelukkig was het tij aan het keren, onder andere door de welvaartsaanpassingen van de minima en de langere loopbanen bij de vrouwen. De regeringsonderhandelaars dreigen de klok echter terug te draaien

In grootmoederstijd waren er voor een vrouw van wie de echtgenoot stierf niet veel manieren om te overleven. Ofwel hertrouwde je, noodgedwongen met de eerste de beste. Niet zelden een broer of nonkel van de overleden man. Ofwel begon je een café. Dat was trouwens één van de redenen waarom er zoveel cafés in België waren. Het duurde tot de jaren '50 vooraleer de invoering van het overlevingspensioen die vrouwen uit de nood hielp.

De nieuwe regering dreigt de klok een halve eeuw terug te draaien. Een deeltijds werkende schoonmaakster of kassierster die zich wegcijfert om te zorgen voor de opvang van de kinderen van wie de partner sterft voor ze 55 jaar is, zal het na een "overgangsregeling" voortaan weer moeten stellen zonder enig sociaal vangnet. Is er iemand die dat zijn echtgenote toewenst?

Eén van de voorstellen van de pensioencommissie, hernomen door de onderhandelaars, is het verhogen van de minima tot de armoededrempel, verhoogd met 10%. Dat klinkt als muziek in de oren. Maar de effecten van het voorstel werden onvoldoende berekend. Een studie van de Rijksdienst voor Pensioenen toont aan dat meer dan de helft (58%) van de minimumpensioenen bij de werknemers er met dat voorstel zal op achteruitgaan. De armoede zal stijgen. De reden is duidelijk: het minimumpensioen zou nog slechts proportioneel toegekend worden tegenover 45 voltijds gewerkte loopbaanjaren. Nu heb je een volledig minimumpensioen zodra je 30 jaar 2/3 werkte, en dat voor alle jaren dat je een prestatie hebt. Er is dus een vangnet voor deeltijds werkenden. Iemand die bijvoorbeeld 30 jaar 2/3 en 15 halftijds werkt, zou terugvallen van 1.123 naar 737 euro per maand. Deeltijds werkenden en mensen met een onvolledige carrière dreigen diep onder de armoedegrens te belanden.

Oudere werknemers die ontslagen worden, werden tot voor kort nog opgevangen door het brugpensioen. Wie pech had en het moest stellen zonder brugpensioen, kreeg toch nog een anciënniteitstoeslag boven op de werkloosheidsuitkering.
Al die sociaal vangnetten worden afgebouwd. Word je ontslagen voor je 60ste dan beland je voortaan op een schamele werkloosheidsuitkering (zonder toeslag zoals voorzien in het brugpensioen ten laste van de werkgever die ontslaat). Armoede dus. Tenzij je nieuw werk vindt. Maar waar als oudere werknemer?
Bovendien zullen werkloosheid, brugpensioen en gewoon tijdskrediet nog voor maximaal 5 jaar meegeteld worden voor je pensioen. De mensen van Opel Antwerpen, Ford Genk, Carrefour en zovele anderen betrokken in een herstructurering zijn gewaarschuwd. Ze dreigen tot een kwart van hun pensioen te verliezen. Die inactiviteitsperiodes komen trouwens het meest voor bij kortgeschoolden en vrouwen: 53% van de loopbaan bij vrouwen, 39% bij arbeiders, 25% bij vrouwelijke bedienden en 15% bij mannelijke bedienden en kaderleden.

Je zal ook langer moeten werken. Minstens tot 63 jaar, op voorwaarde dat je 42 loopbaanjaren kan bewijzen. De laatste lichting vrouwen die met pensioen ging had een gemiddelde loopbaan van 35 jaar.

Er zal niet alleen langere gewerkt moeten worden ... Er zullen ook meer uren moeten worden geklopt. Gewoon tijdskrediet wordt afgebouwd en een landingsbaan zal nog slechts mogelijk zijn vanaf 60 jaar. Langer én tegelijk meer werken. En dan maar klagen over het aantal burn-outs.

We hopen ten stelligste dat wat nu op tafel ligt geen realiteit wordt. Wij zullen er alles aan doen om dat scenario te vermijden.


« nieuws overzicht | meer uit deze rubriek