Verduidelijking KB loonmarge

Door: Marc Verboom | Op: 13/05/2013

Hoe moet loonmarge 0% geïnterpreteerd worden?

Tijdens de begrotingsbesprekingen van eind 2012 besliste de regering om de loonkost in 2013 en 2014 in te perken en een loonnorm van 0% vast te leggen. Het KB van 28 april 2013 (BS 2 mei 2013) bevestigt dit. Het gaat om een kort KB dat we in extenso weergeven:
"Artikel 1. De maximale marge voor de loonkostenontwikkeling voor de jaren 2013 en 2014 wordt op 0% vastgelegd, vermeerderd, in voorkomend geval, met de aanpassing van de lonen aan de evolutie van de index en de baremieke verhogingen.
Artikel 2. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt."

Op het eerste gezicht een kort én duidelijk KB. Niet dus ...
Welke basis heeft dit KB?
Wat telt mee als "loonkost"?
Welke loonelementen tellen mee in de berekening?
Wat met verhogingen vastgelegd in andere wetten?

Dit KB kan alleen passen in de uitvoering van de loonnormwet van 1996. Het is wel zo dat de regering werkt aan een herziening van deze wet. Maar zolang er geen nieuwe of herwerkte wet is, blijft de wet van 1996 van kracht. De interpretaties over deze wet die eerder werden gegeven blijven dan ook geldig. Het ging - en het gaat - over de stijging van de loonkost in een periode van 2 jaar in vergelijking met de loonkost in de periode van 2 jaar voordien. Gezien het KB van 2 mei 2013, met een marge voor de loonkostenontwikkeling van 0%, betekent dit dat indien we de loonkost voor de periode 2011 - 2012 gelijkstellen aan 100 dat aan het einde van de periode 2013 - 2014 de loonkost ook 100 moet zijn, vermeerderd met de index en de baremieke verhogingen. M.a.w. "hetgeen bestond, blijft bestaan" en leidt niet tot een verhoging van de loonkost. Een voorbeeld hiervan zijn de bestaande "meritsystemen" op basis van individuele evaluaties of prestatiebeoordelingen.

Daarnaast heeft de administratie van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg in een brief aan de voorzitters van de paritaire comités het KB verduidelijkt over wat kan en niet kan. Dit als reactie op de door de vakbonden gestelde vragen in februari van dit jaar. Worden NIET aangerekend op de loonmarge:
  • uiteraard de indexeringen en baremieke verhogingen;
  • de verhoging van het gewaarborgd minimum maandloon;
  • de verhoging als gevolg van de afbouw van de degressieve jongerenlonen;
  • afspraken voor het wegwerken van de verschillen in verloning van mannen en vrouwen;
  • wegwerken van verschillen in lonen en andere voordelen tussen arbeiders en bedienden;
  • de verhoging als gevolg van inspanningen voor opleidingsinitiatieven;
  • afspraken inzake de harmonisering van loon- en arbeidsvoorwaarden in geval van fusie of overname van bedrijven;
  • nieuwe voordelen in het kader van CAO 90 (bonus);
  • invoering van een sociale tweede pensioenpijler (aanvullend pensioen via groepsverzekering of pensioenfonds);
  • feitelijke verhoging door indexering van lonen en andere voordelen indien dit niet voorzien is (in zoverre niet boven het wettelijk voorziene maximumbedrag);
  • ...
 

« nieuws overzicht | meer uit deze rubriek