Uitvoering van het Generatiepact

Door: Marc Verboom | Op: 18/12/2005

De wet ter uitvoering van het zogenaamde "Generatiepact" werd in de nacht van 15 op 16 december 2005 in de Kamer goedgekeurd. Hebben we als vakbonden iets bereikt ? Hoe gaat het nu verder ?

Hadden we dan ongelijk in ons verzet tegen het Generatiepact ? Neen, voor ons blijven verscheidene maatregelen onaanvaardbaar, zoals :

  • de verlenging van het aantal vereiste loopbaanjaren om met brugpensioen te kunnen gaan;
  • het bemoeilijken van het brugpensioen in geval van herstructuering binnen de onderneming;
  • de beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt voor de bruggepensioneerden, zelfs na 58 jaar;
  • het op de helling zetten van de opzeggingstermijnen van de bedienden in geval van herstructurering;
  • de onvoldoende maatregelen ter bestrijding van de jongerenwerkloosheid;
  • de niet-vervangingsplicht bij tijdskrediet vanaf 50 jaar;
  • ...

Heeft ons verzet dan niets opgeleverd ? Toch wel !!! Dank zij onze acties zijn een aantal onaanvaardbare maatregelen uit het oorspronkelijke plan verdwenen of aangepast :

  • herstructureringen : het criterium om erkend te worden als "onderneming in herstructurering" zou voortaan op het niveau van de groep en niet langer op het niveau van de onderneming vastgesteld worden. Als de onderneming "Profijt NV"' 100 van de 800 werknemers ontslaat, kan de onderneming erkend worden als onderneming in herstructurering (minimum 10 % van het totaal aantal werknemers). In de toekomst zou dit niet meer gekund hebben indien de onderneming deel uitmaakt van een groep met een tewerkstelling van 3.000 werknemers (100 is minder dan 10 % van 3.000).
  • brugpensioen : in het oorspronkelijk plan moest je in de toekomst 40 jaar loopbaan bewijzen om met brugpensioen te kunnen gaan. De maximale loopbaanvereiste voorzien in het Generatiepact is terugebracht tot 35 jaar (vanaf 2012 voor mannen en vanaf 2028 voor vrouwen). Het brugpensioen op 55, 56 en 57 wordt behouden tot 2010, waarna de leeftijd stelselmatig wordt opgetrokken.
  • tijdskrediet en canada dry : het oorspronkelijke plan voorzag in een ingewikkeld systeem van bijdragen (13,07 % voor de werknemer en 32,51 % voor de werkgever) met de bedoeling brugpensioen, canada dry en tijdskrediet af te remmen en minder interessant te maken. In de uiteindelijke versie bleef het principe van de bijdragen wel overeind maar met meer aanvaardbare formules en kleinere bedragen.
  • pensioenen : hier voorzag het oorspronkelijk plan in een "pensioenmalus". Per jaar vervroegde uittreding voor de leeftijd van 65 jaar en nog geen 40 jaar loopbaan zou het pensioenbedrag met 4% verminderd worden. Er is nu sprake van een pensioenbonus i.p.v. een pensioenmalus (iemand die blijft werken tot 62, of later vanaf 60 jaar, zal in de toekomst beloond worden).
  • aanvullende pensioen : in het oorspronkelijk plan werd de leeftijd voor de uitbetaling van de rente of kapitaal uit een aanvullend pensioen (groepsverzekering of pensioenfonds) op 65 jaar gebracht. Uiteindelijk wordt de huidige leeftijd van 60 jaar behouden. 
  • "kleine jobs" voor ouderen : Maatregelen uit het oorspronkelijke plan voorzagen in de mogelijkheid om 50-plussers aan te werven met een arbeidsovereenkomst voor een bepaalde duur en om af te wijken van de minimale contractuele arbeidsduur van 1/3 van een normale voltijdse job. Deze ideeën zijn volledig verdwenen uit de defintieve tekst.
  • financiering sociale zekerheid : een aanvullende financiering voor de gezondheidszorgen is, onder bepaalde voorwaarden, afgesproken vanaf 2008 en de sociale zekerheid zal ook gefinancierd worden uit inkomsten uit de roerende voorheffing (430 miljoen euro in 2006).
  • welvaartsvastheid sociale uitkeringen : onder druk van de vakbonden (o.a. betoging te Oostende in maart 2004) aanvaardde de regering het principe van de welvaartsvastheid van de sociale uitkeringen. In het Generatiepact wordt een nieuwe stap gezet door vanaf 2008 jaarlijks een enveloppe vrij te maken om die welvaartskoppeling mogelijk te maken. Dit is te weinig want enkel voor het optrekken van de oudste pensioenen en de laagste invaliditeitsuitkeringen in 2006 en 2007 en vanaf 2008 kunnen met de enveloppe alleen de pensioenen (+ 0,5%), de minimumuitkeringen (+ 1,5%) en de loongrenzen voor het bepalen van de sociale uitkeringen (+ 1,5%) aangepast worden. 

Daarnaast zijn een aantal punten uit het Generatiepact voor verder overleg tussen werkgevers en vakbonden doorverwezen :

  • gelijkgestelde periodes : naast het optrekken van de leeftijd voor het brugpensioen ook de loopbaanvereiste optrekken zal in de toekomst de toegang tot het brugpensioen voor de meeste vrouwen verhinderen als ook niet de gelijkgestelde periodes worden uitgebreid. De volgende periodes van inactiviteit komen in aanmerking ten belope van 9 of 13 gelijkgestelde jaren : volledige werkloosheid, deeltijds werken met behoud van rechten, voltijds en deeltijds tijdskrediet voor de opvoeding van kinderen, ouderschapsverlof, verlof voor palliatieve verzorging, verlof voor de verzorging van een zwaar zieke persoon en studiejaren na de leeftijd van 20 jaar.
  • zware beroepen : de definitie van een "zwaar beroep" blijft momenteel beperkt tot werknemers met nachtarbeid in ploegen en werk in een lawaaierige omgeving. De sociale partners zullen de definitie herbekijken binnen de Nationale Arbeidsraad (NAR). Voor ons moet hierbij ook de criterium variabiliteit van de arbeidsduur en arbeidsorganisatie in aanmerking genomen worden.
  • vervanging bij tijdskrediet : werknemers die vanaf 50 of 55 jaar in tijdskrediet gaan moeten kunnen vervangen worden door jongeren. Tot 1 april 2006 hebben de sectoren de tijd om hierover afspraken te maken. Indien er geen akkoord tot stand komt in de sector zal nadien een algemene regeling van toepassing worden.
  • aanwending lastenverlagingen en belastingverminderingen : het Generatiepact voorziet in bijkomende lastenverlagingen voor de aanwerving van jongeren en oudere werknemers en ook in bijkomende belastingverminderingen voor de bedrijven om beter te kunnen concurreren met het buitenland en om innovatie aan te moedigen. We eisen een nauwgezette opvolging hiervan en een methodolgie ter controle van het effect op de tewerkstelling, algemeen en in de sectoren en bedrijven.

Dus de strijd is nog niet gestreden ... Ook de volgende maanden zal BBTK de dossiers van kortbij opvolgen en rekenen we op de mobilisatie van de bedienden en kaderleden.

 

« nieuws overzicht | meer uit deze rubriek