Afdwingen recht op outplacement

Door: Marc Verboom | Op: 27/05/2003

Het recht op outplacement afdwingbaar via RVA indien werkgever zijn verplichtingen niet nakomt

De wet van 5 september 2001 en CAO 82 van 10 juli 2002 regelen het recht op outplacement voor ontslagen werknemers van 45 jaar en ouder, met minimum 1 jaar anciŽnniteit in de onderneming. In geval van ontslag om dringende reden en bij brugpensioen of wettelijk pensioen is dit recht evenwel niet van toepassing. Bovendien mag de werknemer de leeftijd van 60 jaar niet bereikt hebben.
De werknemer die gebruik wil maken van het recht op outplacement moet de werkgever schriftelijk op de hoogte brengen en dit uiterlijk 2 maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst (zie ons bericht "Recht op outplacement" van 14/10/2002).

Wat indien de werkgever zijn verplichtingen inzake outplacement niet nakomt?

Je voldoet aan de voorwaarden voor het recht op outplacement en je hebt een geldige aanvraag tot outplacement bij je werkgever ingediend. Toch weigert je werkgever hieraan gevolg te geven.

In dit geval deel je aan de RVA mee dat je wenst te genieten van een outplacementbegeleiding. Dit kan per gewone post (de RVA bezorgt je een ontvangstbewijs) of via het daartoe bestemde formulier C 230 (beschikbaar bij de RVA). In bijlage zend je de volgende bewijsstukken:
  • bewijs dat je ten minste 1 jaar anciŽnniteit in de onderneming had op het moment dat het ontslag werd gegeven (kopij arbeidsovereenkomst of werkloosheidsformulier C 4);
  • bewijs van ontslag en ontslagdatum (kopij ontslagbrief of werkloosheidsformulier C 4);
  • bewijs dat de vraag tot outplacementbegeleiding bij de werkgever werd ingediend binnen 2 maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst (kopij van de brief aan de werkgever);
  • bewijs van de ingebrekestelling van de werkgever wanneer hij binnen de periode van 2 maanden volgend op de aanvraag geen aanbod voor een outplacementbegeleiding heeft gedaan (kopij brief aan de werkgever);
  • verklaring waaruit blijkt dat de werkgever binnen de maand niet positief gereageerd heeft op deze ingebrekestelling.
De RVA zal nagaan of je als werknemer aan de verieste voorwaarden voldoet en vraagt binnen een periode van 1 maand aan de werkgever zich te verantwoorden over de afwezigheid van een aanbod tot outplacement.

Na 15 dagen neemt de RVA een beslissing en stelt je hiervan in kennis. In geval van een positieve beslissing ontvang je tevens:
  • een outplacementcheque waarmee je je kan aanmelden bij een outplacementbureau;
  • een lijst van outplacementbureaus die in aanmerking komen voor de begeleiding.
De werkgever die zijn verplichtingen inzake outplacement niet nakomt, moet aan de RVA volgende bedragen storten:
  • de geschatte kostprijs van een individuele outplacementbegeleiding voor de totale duur van 12 maanden (voor 2003 en 2004 vastgesteld op Ä 1.500);
  • administratie- en werkingskosten ter waarde van Ä 300.


« nieuws overzicht | meer uit deze rubriek